BLAASVERZAKKING

Verzakking of prolaps van de blaas ontstaat doordat de ligamenten of bekkenbodemspieren hun stevigheid hebben verloren, waardoor de voorwand van de vagina verzwakt.

De meest voorkomende symptomen van een blaasverzakking zijn: een vaginaal bolgevoel, urinaire incontinentie, moeilijkheden bij het plassen en pijn bij geslachtsgemeenshap.

Er zijn een aantal risicofactoren die de kans op een blaasverzakking verhogen: eerdere vaginale bevallingen, roken, overgewicht en het familiaal voorkomen van prolaps.

Voor het stellen van de diagnose van blaasverzakking kunnen een of meerdere van volgende onderzoeken worden uitgevoerd:

  • Urodynamisch onderzoek (UDO): meten van de blaasdruk

  • Cystoscopie: kijkonderzoek waarbij de arts onder lokale verdoving via het plaskanaal in de blaas kijkt

  • RX colpo-cysto-defaceografie:  bepalen van de functie van de bekkenbodem met röntgenstralen.

 

Er zijn een aantal behandelingen mogelijk, afhankelijk van de ernst van de prolaps:

  • Kinesitherapie:  versterken bekkenbodemspieren (helpt minder bij grote verzakking)

  • Pessarium: silicone ring die vaginaal wordt ingebracht en ervoor zorgt dat de verzakte blaas weer op de juiste plaats wordt gepositioneerd

  • Voorwandplastiek – blaasopnaaiing: tijdens deze operatie wordt de voorwand van de vagina ingesneden om het verzwakte steunweefsel onder de blaas terug te versterken en te hechten. Indien nodig wordt het overtollige weefsel van de vagina verwijderd. Nadien wordt vaginawand opnieuw gesloten. Hierbij wordt een netje (mesh) gebruikt ter versterking van het steunweefsel.

  • Colpopromontoriopexie: tijdens deze operatie hierbij wordt de blaasverzakking gereduceerd en worden de vaginavoorwand en -achterwand verstevigd met een prothese (netje) dat wordt gefixeerd ter hoogte van het promontorium (deel van de wervelkolom). Deze ingreep wordt doorgaans robot-geassisteerd verricht.

Afbeelding1.png